Boeddhisme in Japan: Een Korte Introductie

Hoewel de meeste Japanners zichzelf niet als religieus zouden bestempelen, spelen diverse vormen van religie en levensovertuiging een grote rol in het dagelijks leven van velen. Zo zijn de invloeden van het Shintoïsme en Boeddhisme in Japan onmiskenbaar.

Het Shintoïsme is veruit de grootste geloofsovertuiging in Japan. Maar het Boeddhisme volgt als het één-na grootste geloof in Japan. En hoewel de twee vele verschillen kennen, gaan Shintoïsme en Boeddhisme in Japan tegenwoordig hand-in-hand.

Wat is het Boeddhisme?

Het Boeddhisme is één van de grote wereldgodsdiensten. Maar het is net zoals het Shintoïsme meer een levenswijze, dan een godsdienst of religie zoals we die in de traditionele zin kennen.

Deze geloofsovertuiging ontstond ongeveer in de 5e eeuw voor Christus, in India. Het is een godsdienst die geen dogma heeft dat er één of meerdere wereldschepper(s) is/zijn die wij moeten aanbidden. Volgens het Boeddhisme is er namelijk geen begin of einde van het universum. Wel kent het Boeddhisme zogenoemde verlichte zielen met goddelijke kwaliteiten genaamd bodhisattva’s. Maar ook deze zijn niet te vergelijken met goddelijke entiteiten uit andere religies.

Daarnaast is een opmerkelijk kenmerk van het Boeddhisme de tolerantie voor het uitdragen van andere geloven en godsdiensten. Deze hoeven namelijk niet altijd te botsen met het Boeddhisme. Zolang men zich maar bewust is van de ‘Vier Waardheden’. Dit is de leer van de Boeddha en richt zich op, je raadt het al, de ‘Vier Waarheden’. Dit zijn:

  1. Het leven is vol lijden (pijn, verdriet, honger, sterfte).
  2. Lijden wordt veroorzaakt door hebzucht.
  3. Er is een manier om het lijden te stoppen
  4. Door het achtvoudige pad te volgen stopt het lijden.

De Boeddha is één van de sleutelfiguren van het Boeddhisme. Zijn echte naam is Siddhartha Gautama. Hij was een prins die uit zijn paleis ontsnapte om de echte wereld te ervaren. Siddhartha sloot zich aan bij een groepje mensen die alleen kleding en voedsel aannamen van anderen, en zo hoopten verlichting te bereiken. Hij hoopte ook op die manier verlichting te verkrijgen.

Maar na enkele jaren en bijna uitgehongerd te zijn, kwam hij tot inzicht dat dat niet de manier was. Na aangesterkt te zijn ging hij onder een boom zitten en mediteerde hij net zo lang totdat hij de verlichting zou krijgen of zou sterven. Na 49 dagen meditatie bereikte hij deze verlichting. Hierna kreeg hij de titel Boeddha, wat letterlijk ‘De Verlichte’ betekent.

Het begin van het Boeddhisme in Japan

Toen het Boeddhisme ontstond, was Shinto allang de hoofdreligie in Japan. Toch wist het Boeddhisme via China en Kudara (het toenmalige Korea) Japan te bereiken. Het Kudara koninkrijk schonk het als een cadeau aan Japan ergens in het begin van de 6e eeuw na Christus. De Japanse adel omarmde het Boeddhisme al snel, en stelde het als staatsreligie aan.

Maar het nieuwe geloof kreeg maar weinig grip op de normale Japanse bevolking. Zij vonden de gebruiken maar ingewikkeld en ongemakkelijk in vergelijking met het simpele Shinto. Veel gehoor werd er dan ook niet gegeven aan deze nieuwe levenswijze.

De Horyu-ji tempel zoals deze er tegenwoordig bijstaat in Nara. Afbeelding via Wikimedia.

Daar kwam in het jaar 592 verandering in toen Keizerin Suiko aantrad en een boeddhistische eed aflegde. Hierdoor kreeg het Boeddhisme impuls waardoor het populairder werd. Een ander sleutelfiguur in de groei van de populariteit van het Boeddhisme was Prins Shotoku. Shotoku diende onder Suiko. Hij liet in zijn naam een aantal Boeddhistische tempels bouwen. De meest bekende tempels die hij liet bouwen zijn de Shitenno-ji in Osaka en de Horyu-ji in Nara.

Naast zijn enorme invloed over de verspreiding van de godsdienst zijn er in de loop van de tijd allerlei legendes over hem ontstaan. Zo zou hij Daruma, de bedenker van het Zen-Boeddhisme hebben ontmoet. Ook zou hij de reïncarnatie zijn van Kannon, de bodhisattva van genade en mededogen.


De groei en het verval van het Boeddhisme in Japan

Toen er in de 8e en 9e eeuw na Christus Boeddhistische scholen werden opgericht, werd de focus verlegd van de theoretische aspecten, naar de praktische aspecten van het Boeddhisme. Dit werkte goed samen met de praktische gebruiken van Shinto en zo groeiden de twee godsdiensten langzaam maar zeker naar elkaar toe.

Boeddhistische monniken begonnen tempels te bouwen naast Shinto schrijnen, zogeheten jingu-ji (schrijn-tempels). Andersom kregen Boeddhistische tempels bij de ingangen de Shintoïstische ‘chozuya’. Dit zijn speciale plekken met stromend water waar men zich kon reinigen voordat ze de tempel betraden. Ook de leeuw-honden (komainu) die in het Boeddhisme werden vereerd om hun bescherming van tempels kregen plekken bij Shinto schrijnen.

Toen het shogunaat viel en de keizer de macht weer terug pakte in Japan, raakte het Boeddhisme in het verval. Mede door de achterliggende tradities en legenden dat de keizer een nazaat was van Amaterasu, de zon Kami, kreeg Shinto weer een prominentere plek in Japan.

In 1868 werd Shinto dan ook weer aangesteld als staatsreligie en het Boeddhisme werd gezien als een kwaadaardige, ‘buitenlandse’ religie. De overheid gaf ook bij wet de opdracht om de Shintoïstische kami en de Boeddha strikt te scheiden: de Haibutsu Kishaku. Ook mochten Shintoïstische en Boeddhistische gebruiken niet meer door elkaar worden gebruikt. Het decreet was simpel: pas je aan, of sterf.

Afbeelding van het omsmelten van de bronzen bellen van een Boeddhistische tempel. Afbeelding via Wikimedia

Hierdoor werden vooral de schrijn-tempels hard geraakt, en werden veel Boeddhistische kunststukken verwoest. Boeddhistische aanhangers hadden ook ineens geen rechten meer. Zo mochten ze niet meer trouwen en hadden ze geen recht meer op staatssteun. Sommige stromingen van het Boeddhisme wisten zich aan te passen aan de nieuwe Japanse waarden. In 1872 kregen de gelovigen hun rechten weer terug, maar de schade was toen al aangericht.

Boeddhisme in het hedendaagse Japan

Tijdens en na de Tweede Wereldoorlog kwam er ineens een enorme vraag naar Boeddhistische monniken die begrafenissen konden organiseren. Ze werden ook opgeroepen om omgekomen soldaten heen te zenden naar het hiernamaals. Hierdoor kreeg het Boeddhisme een tweede impuls. Sinds de Tweede Wereldoorlog groeit het aantal aanhangers van het Boeddhisme in Japan langzaam.

En nog altijd zijn er talloze Boeddhistische invloeden aanwezig in het dagelijkse Japanse leven. Zo wordt ongeveer 90% van alle begrafenissen in Japan op de Boeddhistische manier uitgeoefend (door middel van crematie). Ook hebben sommige Japanse huishoudens kleine Boeddhistische altaartjes om overleden familieleden te herdenken. Ook het Obon Festival, waarbij overleden dierbaren worden herdacht, is van oorsprong een Boeddhistisch gebruik dat in Japan nog jaarlijks gevierd wordt.

Het is op deze en vele andere manieren – groot en klein – dat het Boeddhisme nog altijd diep verbonden is met Shintoïsme en de Japanse cultuur, en haar stempel heeft gedrukt op het dagelijks leven in Japan.

Bronnen: 1, 2, 3, 4
Coverfoto: Een kijkje in de Buddhistische Amidado tempel in Kyoto, waarin een gouden Buddha standbeeld staat. Foto door Basile Morin via Wikimedia

Sander
contact@sandervanderham.nl

Sander is een enthousiaste figure verzamelaar met een uitgebreide collectie en een nog uitgebreidere wishlist! Graag deelt hij zijn kennis en enthousiasme rondom figures en het verzamelen ervan met jullie!

Geen reactie's

Geef een reactie

X